De Boetenbaintjes

wandelen in het noorden van Nederland

Boetenproat

Zilver en goud

Norg2
De hele week was het weer goud geweest met de hele dag zon, geen wind en een beetje vorst. Zaterdag was het zilver, de zon was wat minder, maar nog steeds geen wind en een beetje vorst. Ireen en Sjenkie verloren goud, maar wonnen zilver. En toch hadden we ook goud met Carlijn en vandaag Sven. En niet te vergeten het brons van Antoinette. Natuurlijk was de wandeling in Norg ook goud, want dat is mijn geboorteplaats en dus de mooiste plek van de wereld.

Ik had gerekend op 20 BB-tjes, immers het was goed weer, het was dichtbij huis en ‘maar’ 23 kilometer. Maar het waren er 10, 6 op het station in Groningen en 4 bij de Norgerberg. Natuurlijk waren Marja en Margreet onderweg naar Spanje, was Thea op Texel, had Margot, die naar haar operatie snel hersteld is en een halve wandeling mee had willen lopen, haar enkel verzwikt, had Annemiek nog griep en werd er olympisch geschaatst. Maar 10 is een mooi aantal.

We begonnen in de Langeloërduinen en liepen over het Duin- en struinpad, waar het een drukte van belang was. Families met kinderen en wandelwagens, een clubje jeugd op de mountainbikes, een groepje lopers dat allerlei grondoefeningen deed en gewone wandelaars. De ijsbaan het Molenveen lag er mooi bij, maar we hadden geen schaatsen bij ons en bovendien was het ijs te dun. We liepen met een grote boog om de Slokkert heen (want altijd heel erg nat) en bereikten de Juffren Lunsingh in Westervelde.

KoreaWe kregen een kamer voor ons zelf en bestelden koffie en clafoutis met peren. Gelukkig waren ze niet al te snel in de bediening, zodat we het schaatsen konden volgen. Frieda kreeg bericht wanneer ze klaar moest zitten voor de start van Ireen. Ze verdween met telefoon naar de wc, omdat de ontvangst daar beter zou zijn. Wij in de koffiekamer hadden nog twee mobieltjes, die in stereo verslag deden. En hoewel we 1,2,3 op de 3 kilometer werden, vonden we het sneu dat Ireen met een achthonderdste seconde verschil het goud niet haalde. Toen de koffie kwam sloeg Sander enthousiast om zich heen en mepte zijn chocolademelk van het blad. Veel vieze jassen en een smerige vloer. De perenclafoutis viel erg in de smaak.

Met de zilveren medaille van Sjenkie ook nog op zak, gingen we verder richting Zuidvelde, de es van Norg, de Hitlerring in Peest en de vele vakantiehuisjes in de Oosterduinen. Weken waren we gewend aan natte en glibberige ondergrond. Nu was de boel hard bevroren met overal ijsplassen. Het was lastig en je liep aldoor scheef over de robellige grond  en dan voel je die 23 kilometer toch wel in de benen.

Het laatste stukje ging weer door de Langeloërduinen, waar overal rood-witte linten gespannen werden voor een soort biatlon of triatlon op zondag. In de Norgerberg was het erg druk en veroverden we toch nog twee tafeltjes naast elkaar. Peter dronk Gronings Baxbier, dat ‘Kon minder’ heette, een fraai etiket had en ook nog lekker smaakte. Hij had het dik verdiend.

Mariette