..De Boetenbaintjes 

 

hunebed2

Dat is de naam van een fantastische koffiestop in Westerwolde. Je moet inderdaad niks behalve genieten en heerlijke taart eten. Tijdens het urenlang virtueel veurlopen op google kwam Peter een koffiekopje tegen en dat bleek een gouden ontdekking.

Maar voor die tijd moet je van alles doen om het te verdienen. Wandelen bijvoorbeeld. Peter had zijn Veurlopersshirt uit de mottenballen gehaald en leidde 10 BB-tjes langs onbekende paden langs het Westerwoldepad, dat sinds een jaar helemaal klaar is. Het fijne van dit pad is dat het asfaltmijdend is en veel langs de randen van akkers en grasland loopt. En natuurlijk veel langs de Ruiten A en de Westerwoldse A. Het rondje Wedde-Smeerling-Wedde loopt Peter met de ogen dicht en is niet meer uitdagend genoeg. Tijd voor something completely different.

We begonnen in Smeerling en liepen met een grote boog naar het Metbroekbos, slingerden over smalle, op-en-neergaande paadjes langs de Ruiten A en liepen daarna langs de randen van de akkers over brede graspaden door een glooiend landschap. De bermen stonden vol met uitgebloeide hazepootjes, een zeer aaibaar klein grasje. Hier en daar stonden nog grote zonnebloemen in bloei, de hennep was juist gemaaid, maar Willemien slaagde erin nog een beste verse tak mee te nemen in de rugzak om hennepthee van te maken.

En toen was er koffie met taart. En niet zomaar taart, maar zelfgemaakte met fruit uit eigen tuin en 4 soorten nog wel: Bretonse appeltaart, pruimentaart, mandarijnentaart en kwarktaart met bramen en alles met verse slagroom, mooi en niet te zoet. Zelfs ik nam taart, Janny en Margreet D. genoten van een courgettesoepje. Een feestje dus. En bovendien een prachtige plek, een grote boerderij met een gigantische en mooi aangelegde en onderhouden tuin en weelderige moestuin en boomgaard. Wij zaten in de kapschuur waar onder een half neergeklapte parasol een zwaluwnest was, met 3 of 4 jonkies, je kon hun koppies net zien. Halverwege was aan de achterkant een balkon geschapen waar je over de tuin en velden keek. En al dit moois en lekker werd bestierd door een buitengewoon trots en gastvrij en praatgraag (half)Belgisch echtpaar. We konden er bijna niet wegkomen, maar na drie keer afscheid nemen, lukte het toch om via de tuin op de route te komen. Hier maakten we een grote slinger langs een weiland vol Blonde d’Aquitainekoeien met kalfjes en weer een mooie afwisseling van slingerpaadjes en graspaden. Na een uur kwamen we voor de tweede keer langs de blanke koeien, hetgeen Frieda meteen opviel. Er zit een goede potentiële veurloper in haar. Ook kwamen we weer langs de achterkant van de koffiestop. Peter had moeite om iedereen op het pad te houden, iedereen wilde door het hek en nog een keer taart eten.

Niets ervan, we moesten verder, het nietsdoen was geweest. Het bleef mooi en verrassend nieuw. Het weer was redelijk, zo nu en dan een miezerbuitje, soms een zonnestraaltje, soms een frisse wind. Er was 1 dame met een brokje en 1 met een korte broek. Op sommige plekken was ik blij met mijn lange broek, als de brandnetels en bramen tot aan je knieën kwamen. 1 keer moesten we terugkeren op onze schreden, een uitdagen mooi paadje liep dood in een tuin met zwembad. Maar na 21 kilometer waren we terug in Smeerling.

Het was hier ook goed toeven in de tuin en de drankjes smaakten goed. Het gesprek verliep zeer associatief, van een huisarts die alle problemen oploste met vaseline, tot zinkzalf en trekzalf. Zinkzalf is voor kleine pukkeltjes en trekzalf voor dikke steenpuisten. Als je teveel zinkzalf hebt gebruikt moet je dat herstellen met trekzalf. Voor aambeien gebruik je drukzalf. Dan heb je ook nog teerzalf, ik geloof voor eczeem.

Afijn, er werd veel gelachen en Peter werd veel geprezen. De wandeling mag erin blijven.

Mariette