De Boetenbaintjes
wandelen in het noorden van Nederland
sinds 1994

Rooie Thea: bofferd en toppianiste

De wandeling van gastveurloper rooie Thea was natuurlijk op zichzelf al heel mooi, maar het stralende en schitterende winterweer gaven het een extra dimensie. Een bofferd dus, die Thea. Toen bleek dat ze de wandeling zonder kaart of GPS leidde, vergeleek Martha haar met een toppianist die  uit het blote hoofd een concert van Mozart speelde. Er waren omstanders die dit compliment probeerden te bagatelliseren met opmerkingen als: "ze heeft de route natuurlijk al 10 keer met kaart gelopen" en "zo’n pianist heeft het 100 keer van papier gespeeld". Maar Thea nam het compliment stralend in ontvangst en gelijk had ze.

In de voorbereiding had Thea zich al druk gemaakt over het aantal auto’s: zijn er wel genoeg, ik heb er eigenlijk 3 nodig, maar liever 4. Ze mailde alle chauffeurs en toen Jo afbelde, omdat hij zich niet lekker voelde, werd ze onrustig. Maar gelukkig bracht Marja uitkomst door te rijden. En zo  vertrokken we met 3 volle auto’s, zodat de inkomsten eerlijk verdeeld waren, naar Opeinde. Jan reed zonder de routebeschrijving te bestuderen en zonder aarzelen naar de juiste plek en Marja volgde hem en kon dus niet fout rijden. Peter, die de routebeschrijving zelf gemaakt had, moest een extra lus maken. Maar dat kan ook aan de bijrijder gelegen hebben. Het zorgde in ieder geval weer voor de nodige hilariteit en leedvermaak.

Het eerste deel van de wandeling ging door de Leijnen, een prachtig natuurgebied met water en rietkragen en dijkjes. We liepen door maagdelijke sneeuw, de grote plas was dichtgevroren, de zon scheen uitbundig, grote zwermen ganzen trokken luid gakkend over, we zagen zilverreigers , reeën en schaapjes. Voor Margot was het een openbaring dat die schapen de hele winter buiten bleven. "Dat is toch koud, als straks die vacht eraf gaat?". "Nou, Margot, schapen worden in mei/juni geschoren zodat ze het in de zomer niet zo warm hebben, en hun vacht goed kan groeien voor de koude wintermaanden". Oh, zit dat zo? Maar ze bleef het zielig vinden.

Tijdens het wandelen waren er ook nog verschillende uitjes: naar de vogeltrekhut, naar een hoog uitkijkpunt en een bankje in de zon. Wij hadden verwacht dat Thea daar koffie en taart neergezet zou hebben (ze was net jarig geweest), maar helaas; we moesten het met onze eigen thee, koud water en boterhammen doen. We herinnerden ons dat we in dit gebied onder Thea’s leiding nachtwandelingen gemaakt hadden met veel gekwaak van kikkers en spannende verhalen. En toastjes met Franse kaas. Allemaal geregeld door Thea.

In Eastermar dronken we koffie in de Zandloper, een bijzondere tent. Het is heel klein, maar bevat een eet- en drinkgedeelte, een gezellige binnentuin, en er schijnt ook een sauna, zonnebank en slaapgedeelte te zijn. Ze hebben lekkere appeltaart en bofferd, en Tûtjes uut Eastermar, dat zijn likeurtjes die smaken als een zoentje. Niet geproefd en niet meegenomen. Toen we Eastermar verlieten zagen we een grote witte Citroen Traction (La reine de la route) die op een aanhanger vervoerd werd. Je zou er bijna voor gaan trouwen, zo’n mooie auto is dat. Een vogeltje in een boom werd uitgebreid door de verrekijkers van Margreet S. en Rooie Thea bestudeerd, maar ze kwamen er niet uit. Vind ik altijd jammer: heb je vogelaars in je midden, weten ze niet welke vogels we zien.  Hoewel Margreet S. later haar boekje bestudeerde en dacht dat het een sijsje was geweest.

De laatste 7 kilometers gingen over een lange rechte en zeer gladde weg. Het kostte heel wat evenwichtskunst en spierinspanning om overeind te blijven. Martha ging even onderuit, maar voor nicht Margreet was het een makkie: ook zonder kunstschaatsen kon ze pirouettes maken. De lage onderstaande zon maakte het toch nog mooi.

De nazit had ook de nodige voorbereiding gekost. In het Wokrestaurant, waar de auto’s stonden, mochten we niet alleen een biertje drinken om 5 uur, want dan hielden we tafels bezet, die meer geld opleverden. Dan maar pannenkoekenrestaurant "de Serre". De eigenaresse keek niet blij, want ze verwachtte heel veel gasten voor het diner. We namen genoegen met de serre. Toen we wilden afrekenen (en dat doen we per persoon en dat is lastig als iedereen met 20 euro betaalt), moesten we gepast betalen. Dat ging allemaal redelijk goed, maar had als resultaat dat Annemiek als wisselgeld al het kleingeld kreeg dat de anderen gegeven hadden.

Maar toen we naar huis gingen voelden we ons allemaal bofferds: wat een prachtige winterdag in een prachtige omgeving. En ook de enige goeie dag: vrijdag was het regenachtig en donker en vandaag, zondag, is het dooi en is de sneeuw bijna weggeregend.

Mariette