De Boetenbaintjes
wandelen in het noorden van Nederland
sinds 1994

Kleurrijk Gasteren

Gasteren2018Op de heenweg moesten de ruitenwissers aan en op de terugweg ook. Daartussen was het zo goed als droog op een enkel miezertje na. 12 BBtjes verzamelden zich op de Brink in Gasteren, waaronder witte Tea. Ze dacht dat het wel tien jaar geleden was dat ze met een reguliere wandeling had meegelopen. Ze moest zich dan ook aan een aantal mensen voorstellen. Ook Joke was er weer. De vorige keer was kennelijk goed bevallen. Zelf noemde ze het een wonder.


Margreet D. herhaalde haar wandeling van twee jaar geleden, maar in een ander seizoen, met een ander startpunt en in omgekeerde volgorde. Ze had hem voorgelopen met een walking meetupgroep (whatever that may be). Het waren in ieder geval geen doorgewinterde wandelaars, want 25 kilometer was veel te veel voor hen. Dus werd de eindstreep niet gehaald en moest ze eerder terug. Wij BBtjes draaien onze hand natuurlijk niet om voor 25 kilometer, hielden het tempo hoog en waren na 24,8 kilometer om vier uur klaar.

En wat was het een prachtige wandeling, niet in het minst omdat de herfstkleuren ook zonder zon indrukwekkend waren. Witte berkenstammen met een gouden kroon, groengouden beukenbomen en roestgele grassen. Het was ook een verrassende tocht. Hoewel ik het Drentse Aa-gebied ken als mijn broekzak, wist Margreet er een nieuwe ervaring van te maken. We weken af van de bekende paden en maakten lusjes door onbekend gebied door het stroomdal van de Aa, over het bekende hoogholtje, over de Zeegse duinen met een mooi ven en zandverstuiving. En natuurlijk over de Gasterse duinen en door het dal van het Anloërdiepje. We eindigden met een lus door het beukenbosje tussen Anloo en Gasteren, waar de paden nog aardig op en neer gaan. De koffiestop was in het Witte Huis, dat wij in ons hart gesloten hebben, omdat ze ons rond de kerst met open armen ontvingen, nadat we er in Taarlo uitgegooid waren. En de koffie en appeltaart zijn er nog lekker ook.

Tijdens de lunchpauze kwam het gesprek op de gadget van Angela, die stappen en calorieën telt. Je moet je geld toch ergens aan uitgeven, want als je dood bent kun je het toch niet meenemen, aldus Angela. Het leek ons wel een idee om de stappenteller in haar kist mee te geven en het zou ons niet verbazen als hij nog steeds stappen zou tellen. Angela weet ook al waar haar as verstrooid moet worden, maar ze wil niet zeggen waar. Het is wel op een plek waar we vaak wandelen, dus kan ze ons toezwaaien. Dit gepraat ontlokte Frieda de uitspraak dat het leven een tranendal is, een onderwerp dat door Levi Weemoed en Hans Dorrestijn in rake gedichten beschreven is. De gedichten komen het beste tot hun recht, als ze die zelf voorlezen. Nadat we nog een paar versjes van Annie M. G. Schmidt hadden gedeclameerd, gingen we verder. De gps van Wim gaf aan dat we 14,3 kilometer achter de rug hadden, die van Marieke stond op 15,4. Wij geloofden Marieke.

Zoals gezegd kwamen we na 24,8 kilometer weer in Gasteren aan. We waren moe, maar hadden ook heel erg genoten. Ook deze wandeling mag jaarlijks herhaald, evenals vele andere wandelingen. We kunnen langzamerhand wel een standaard jaarprogramma maken, dan weten we op onze oude dag tenminste waar we aan toe zijn; geen verrassingen, maar houvast hebben we dan nodig. Om de geest nog een beetje lenig te houden, kunnen de wandelingen ieder jaar een maandje opschuiven. Voor de tochtencommissie wordt het dan wel erg saai, bij elkaar komen is dan nauwelijks nog nodig. Dat gaan we dus niet doen, want die vergaderingen zijn toch de hoogtepunten in het veurlopersbestaan. Dat laat onverlet dat deze fantastische wandeling herhaald mag worden.

Mariette