De Boetenbaintjes
wandelen in het noorden van Nederland
sinds 1994

Hiep, hiep, hoera, we mogen weer!

Na de proefwandeling onder leiding van Jan, gingen we op zaterdag 11 juli officieel van start. Aan Peter de eer om de eerste wandeling veur te lopen. Hij bleef dicht bij huis en leidde ons langs het boswachterspad Rolderrug. Hij had zich voorbereid op (te) veel BBtjes en te weinig auto’s. Het eerste klopte, het laatste gelukkig niet.

Voor half negen hadden zich via de app al 4 mensen gemeld, die rechtstreeks naar de startplek gingen. Henk en Josephine kwamen helemaal uit Haarlem om de eerste wandeling mee te maken. Jacqueline en Karin, die al maanden niet mee gelopen hadden, wilden er ook bij zijn. Op het station was het ook druk met veel oudgedienden en twee nieuwelingen. Na een paar keer tellen bleken we met 20 te zijn. Net geen record, maar een behoorlijke sliert om in de gaten te houden. Natuurlijk slaagde Peter erin om niemand kwijt te raken.

We begonnen in Deurze, liepen over het vlonderpad, rondden het ven in Kampsheide en hadden koffiepauze bij het hunebed op de Loner es. Peter zag vanwege de grootte van de groep af van een lusje naar Gasteren om daar bij het pannenkoekenhuis koffie te drinken. Het hunebed was een schot in de roos en een mooiere koffieplek kun je je niet wensen. Het is de d14, het meest compleet bewaarde hunebed. Bijzonder is dat rondom de grote dekstenen een krans van nog 18 stenen lag, allemaal met anderhalve met ertussen. Een corona-hunebed dus, die zijn tijd ver vooruit was. Er verscheen een grote, zwarte auto die stil bleef staan en de chauffeur leek ons te bespioneren. Een coronawachter? Hij kon ons niet op de bon slingeren.

In Taarlo stonden midden in het dorp 3 ooievaars op het nest. In het open veld stond ook nog een paal, maar die was onbewoond. Ik heb van Jan D. geleerd dat ooievaars van gezelligheid en reuring houden. Dat was hier wel goed zichtbaar.

Het was wisselvallig weer. Prachtige wolkenluchten, waar zo nu en dan een buitje uit viel, zonnige periodes, waarin het meteen heet was en geen wind. En stukken beter dan de afgelopen dagen waarin het hele dagen regende. Toen we ons op het Balloërveld geïnstalleerd hadden voor de lunch, weer keurig op corona-afstand aan weerszijden van het brede zandpad, begon het te regenen. Snel dooreten en wegwezen. Natuurlijk ging de zon schijnen toen we weer in de benen waren. We zagen hele bijzondere paddenstoelen. Ze leken op grote champignons, maar hadden geen hoedjes en groeiden door tot onder aan de steel. Er werden veel foto’s genomen om thuis uit te zoeken hoe ze heten.

Aan het eind van het Balloërveld, vlakbij Rolde, staat ook een groot hunebed met in het midden het baken met o.a. als tekst dat het nog ‘een stoefje naar Rolde is’. Dat klopte, we waren al snel in Rolde en liepen naar de Rolderes via een klein heideveldje met jeneverbessen. Vervolgens staken we de Deurzeres over en waren na 21 kilometer om 4 uur bij café De Aanleg. De zon scheen en er was genoeg plek op het terras. Zo konden we proosten op een mooie, eerste wandeling en alle andere die volgen. Die tweede golf in oktober gaat ons vast wel voorbij, samen houden we corona er wel onder, toch?

Mariette