De Boetenbaintjes
wandelen in het noorden van Nederland
sinds 1994

De graanrepubliek

Wuivend graan, wolkenluchten, wind, water, weidsheid, wandelen en tot slot ook nog warmte. Dat waren de trefwoorden van de wandeling rond Nieuweschans. Excuses: Bad Nieuweschans in de jonge gemeente Oldambt. Wat is Groningen toch een mooie provincie. Ook om te wandelen: weinig asfalt, maar zompige graspaden en vette klei, die zo lekker lang onder je schoenen blijft plakken.

We vertrokken bij de ‘Oude remise’, omgetoverd tot theaterruimte en een grand café met 52 soorten koffie. Om 10.00 uur nog niet open, dus konden we de hele weg gissen welke 52 soorten dat waren. Jo reserveerde de koffie in Kostverloren, en dat was maar goed ook, want nu was er verse koffie en voldoende eigengemaakt appelgebak. In Nieuw Beerta kwam ons een gitzwarte lucht tegemoet. De dames zagen het niet zitten om die bui in het open veld op de kop te krijgen. De kerk was helaas niet open, maar de hoge zijmuur bood een redelijke schuilplaats. Met z’n allen in de regencapes met de rug tegen de muur, bleven we aardig droog, want het kwam met bakken uit de lucht. Frieda had de pijpen van haar korte broek opgerold en daar stond ze dan met blote benen en een kort lichtblauw jack. We kregen onmiddellijk associaties met de billenfotograaf. Gelukkig zijn Boetenbaintjesfotografen fatsoenlijker: ze namen helaas geen foto.

De lucht werd grijs en we sopten over de graspaden tussen het graan door. Dat wel wuifde, maar niet goudgeel zag. De minicamping, annex bed en breakfast in Kostverloren was geweldig: een grote, ruwhouten stamtafel, versgezette lekkere koffie, zelf gebakken appeltaart (iedereen nam, behalve Mariette) en dat alles voor weinig geld. Op de camping brak een Amsterdams stel hun tentje af. Ze waren door Noord-Holland, Friesland en Groningen gefietst, gingen nu via Winschoten naar de stad en dan met de trein terug. Ze vonden het prachtig en hadden genoten, niet in het minst omdat ze steeds de (westen)wind mee hadden.

Door de Reiderlandpolder en de Carel Coenraadpolder over de dijk naar Nieuwe Statenzijl, waar Anthonie een kikker in schaapskleren hoorde. D.w.z. dat ze als stadse dame dacht dat ze een kikker hoorde, maar het bleek een schaap te zijn. Met een beste poest wind en de zon in de rug vlogen we over de dijk. Het was puur genieten: wat een ruimte, wat een vergezichten en wat een kleuren. Kieviten die op de vleugels gaan, hun witte buiken schitterend in de zon, schaduwen van wolken die over de dijk vliegen. Je hoofd wordt er helemaal leeg van.

De kiekkast in Nieuwe Statenzijl is vanwege de hoge waterstand onbereikbaar, maar de huiszwaluwen met hun blauw ruggetjes, de vergezichten en het gedicht van Ede Staal maken veel goed.


Langs het water, een hele brede en vrij rechte Westerwoldse AA keren we terug naar Nieuweschans. Die 50 soorten koffie hadden, zoals we al dachten vooral te maken met de soorten drank die je erin kreeg, maar het smaakte goed, evenals de wijn en het bier, hoewel Margot spijt had van haar herinneringen aan Guinness in Ierland: deze smaakt minder lekker. Binnen werd gezongen, een soort open podium, van goed tot minder, van Jaap Fischer tot Ierse liedjes.

Maar het gesprek ging vooral over het wandelweekend: hoeveel plekken er in de hut waren. Oh, is het een Yurt en zijn daar bedden in en hoeveel plaatsen dan. Maar 6? Dan ga ik me snel aanmelden. Ik heb me al opgegeven. Dat kan helemaal niet want de inschrijving is nog niet gestart en Janny is streng doch rechtvaardig. Ja, maar toch heb ik een plek. Nou daar gaan we dan wel vragen over stellen tijdens de jaarvergadering. Ik ga lekker gewoon in mijn eigen tentje. Enzovoort en zo verder.

Het was weer een mooie wandeling in aangenaam gezelschap.

Mariette