De Boetenbaintjes

Bij code Oranje ga je de weg niet op, maar blijf je thuis. Want buiten is het gevaarlijk: IJZEL EN GLADHEID. Rondom ons huis was het inderdaad spekglad en de bomen zaten dik in de ijzel. Maar de autoweg werd gewoon bereden en de buienradar was over de rest van de dag tamelijk optimistisch. Het was wel mistig en grijs. Dus reden we met gepaste snelheid over een schone weg veilig naar Groningen.

Annemiek was ook op tijd vertrokken en stond in haar uppie bij het station. Jan arriveerde ook veilig met de auto uit Eelde en Margot trok een sprintje en riep: "Is dit alles?" Waarop Jan zei: "Nee, de rest is al weg." En zo zat de stemming er meteen in. In Norg stonden Thea en Jacqueline, die traditiegetrouw de Kerstwandeling meeloopt. Peter verraste ons met de vraag of we gebak bij de koffie wilden. De koffiestopplaats wilde graag het aantal personen weten en vers gebak serveren. Hierover later meer.

We liepen door een oud gedeelte van Norg met mooie gerestaureerde boerderijen richting Peest. Natuurlijk ook langs het voormalige vliegveld uit de oorlog, dat nauwelijks gebruikt is. Vlakbij het vliegveld ligt in een bosje een waterplas die de Hitlerring wordt genoemd, naar de vorm van een hakenkruis die deze zou hebben. Dit is het Westerveen, een veenplas van oorsprong. Bij de uiteinden van de armen aan west- en noordzijde van de plas bevinden zich betonnen platen met gaten erin. In de oorlogsperiode is het Westerveen uitgegraven, zodat deze bij brand dienst kon doen als waterbron. In de buurt van het vliegveld ligt ook het Benzinebosje dat zijn naam ontleent aan de brandstof die er tijdens de oorlog lag opgeslagen in lange sleuven.

De es van Norg lag in de grijze mist: lichtgrijs, witgrijs en grauwgrijs, maar mooi en stil. Geen wind, geen mensen, geen beweging. En warm, we hadden allemaal veel te veel kleren aan, omdat we de koude vrijdag nog in het hoofd hadden. Maar een muts is toch wel handig met al die druipende bomen. Het Norgerholt, met zijn prachtige hulstbomen, klonk als een regenwoud, overal vielen de stukjes ijzel, sneeuw en water naar beneden. De koffie was bij de Jufferen Lunsingh in Westervelde, een prachtige eminence grise (als je de van een gebouw kunt zeggen). Thea kon niet stoppen met het nemen van foto’s in de Cognackamer. We dronken geen cognac, wel koffie en wachtten vol spanning op het verse gebak. Dat viel tegen, het was geen appeltaart en aan de droge kant. Komt niet in de top 10, zoals Jan opmerkte. Dit leidde tot een idee om toch eens aan die top 10 te beginnen, en over verschillen in smaak (Martha vond de appeltaart op Ameland erg lekker, maar Peter en Jan waren negatief). Maar aangezien Jan altijd appeltaart neemt is hij de aangewezen persoon voor het opstellen van een top 10 in 2013. Kunnen we die publiceren in het jubileumjaar 2014.

Na de koffie verkenden we het gebied van de Slokkert tussen Westervelde en Een. Zoals op veel plekken wordt ook daar hard gewerkt aan de herinrichting van het beekdal. Het zal vast heel mooi worden, maar nu was het 1 grote modderpoel met kapot gereden paden door grote bulldozers. Het was dus glibberen en glijden gedurende een paar kilometer en ook dit uitgestrekte gebied was grijs en leeg en mistig. Zelfs in de bossen van Norg was het kleddernat en leek het wel kouder te zijn: de sneeuw begon net te dooien en we werden dus ook van boven nat. De spieren werden op de proef gesteld, evenals je evenwichtsgevoel. Toen we bijna in Norg waren, mochten we nog een extra lus door de Oosterduinen, waar de vakantiehuisjes gezellig versierd en verlicht waren en Thea kerstkransjes uitdeelde.

De laatste kilometers liep er een asfaltfietspad langs de modderweg en konden we eindelijk weer vlak lopen zonder uit te glijden. Behalve Peter en Thea die dapper door demodder bleven ploeteren. Op de valreep kwamen we terecht in het schootsveld van een kring jagers die met zijn tienen een vos probeerden te schieten. Ik denk niet dat gelukt is: vossen zijn veel te slim om zich dood te laten schieten. We eindigden in hotel Karsten, een mooi, oud hotel waar vele kleuren grijs te zien waren in de haren van de gasten en de tafels feestelijk gedekt waren. Waarschijnlijk hadden ze allemaal een 50+ arrangement inclusief fiets. Misschien iets voor Jan, die zoveel geld als eindejaaruitkering had gekregen dat hij onmiddellijk een nieuwe fiets à la Laura S. had gekocht. We konden er nog net bij: 4 dames in lekkere stoelen bij de open haard en de heren en Thea aan de stamtafel. De warmte en de wijn zorgden voor rode konen, daar hadden we Vijftig tinten grijs niet voor nodig.

Op de terugweg maakten we nog een ommetje langs mijn geboortehuis. Onderweg ging  het regenen en waren we toch weer bofferds op deze gedenkwaardige laatste wandeling van 2012.

Mariette