De Boetenbaintjes

SchiermonnikoogTrefwoorden: zon, veel wind en regen, wisselende contacten, de eersten zullen de laatsten zijn, Jeroen, meeuwen en fazanten, nostalgie, Berkenplas, Westerplas, zandstralen, kampeerders, pensiongasten, gezellig, lekker.

De eerste 6 namen vrijdagochtend de eerste boot, allemaal pensiongasten. De middagboot bracht er nog 4, waaronder 3 kampeerders en 1 pensiongast, maar die was dan wel weer op de fiets gekomen. 1 pensiongast nam de avondboot en was kennelijk nog nooit op Schier geweest. Ze googelde de afstand tussen haven en dorp, zag dat het een kwartiertje lopen was en dacht, hoezo met de bus, wat een watjes! Na het kwartiertje kwam ze erachter dat er verschil is tussen haven en veerdam, ze liep terug, maar helaas alle bussen weg. Dapper als ze is, liep ze in het pikkedonker naar het dorp. Een echt BB-tje dus. Haar naam is Manon. De vrijdag werd op verschillende wijzes en in verschillende groepjes doorgebracht. Toen wij onze tentjes opzetten, moest ik heel erg aan Joke Schilperoord denken. We stonden tijdens het jubileumweekend in 2014 op dezelfde plek met een picknickbank op een hogere plek. Tijdens het ontbijt moest Joke de meeuwen van zich afslaan. Ze heeft er een prachtig stripverhaal over gemaakt, met ook nog slagroom etende mussen en een zwaluwennest in de portiek van van der Werff.

De zaterdagochtendboot bracht 3 kampeerders en 2 pensiongasten. De tentjes werden snel opgezet en om kwart over 11 konden we aan de wandel. Frieda leidde ons over slingerpaadjes en bredere paden naar Marlijn. Het was droog. De helft zat binnen en de helft buiten. En toen kwam de strandwandeling van een uur met de wind in de rug, geen regen, en van dat mooie waaizand. Dat is nog eens uitwaaien. Maar ja wind mee betekent ook wind tegen. In de glibberige kwelders met duindoorns die vol zaten met hun oranje bessen en prachtige andere kleuren bruin en rood. Mooi, maar zwaar. Ik was blij toen we de Berkenplas bereikten en konden zitten met een drankje. De eigenaar was een opgewekte en relaxte meneer die alles over bier wist te vertellen. Ook hier twee groepen, groep 1 kreeg een college bier en nam er oesterzwambitterballen bij. Groep 2 nam onder groot enthousiasme van baas allemaal iets anders. Dat had hij nog nooit meegemaakt. Ook daar een uitgebreid verhaal over biersoorten.

Daarna een splitsing tussen de pensiongasten en de kampeerders en afscheid van Manon. Ze nam de avondboot om zondag de 21ste verjaardag van haar dochter te vieren. Ik denk dat ze met de bus naar de boot gegaan is. En plensbui verstoorde het borreluurtje op de camping. Maar we kwamen droog aan bij de Ware Jacob. Een buitengewoon gezellige tent met bijzonder aardige bediening. Wel per tafel afrekenen. Dat zorgde voor de nodige commotie. Weer een scheiding, twee tafels en twee groepen dan maar, en twee dames die zich vrijwillig aanboden om te betalen. (Peter was trouwens de enige man van het gezelschap.) Het was een gekakel van jewelste, het eten was lekker, de wijntjes en biertjes smaakten goed. Jeroen, de eigenaar van het onderkomen van de meeste pensiongasten werd geroemd. Hij was horecaman en maakte mooie ontbijtjes, warme broodjes met salie, mooie bakjes met yoghurt en fruit. Ook relaxed, hij kon niet onthouden hoe dat nou zat met al die Thea’s en Astrids, en Manon en Yolanda in dezelfde kamer, maar niet dezelfde nacht. Yolanda had een verhaal over de nieuwste onderkomens, bunkhotels geheten. Het lijkt mij niks. Googel maar even wat het is. Na het eten weer een afscheid, 4 dames namen om verschillende redenen een vroegere boot op zondag.

Die nacht plensde het behoorlijk en waaide het nog steeds stevig. Herrie in de tent, maar we hielden het droog. Alle dagen geen meeuw te zien, maar mijn mueslibol was toch plotseling door die ene meeuw meegenomen en de fazant deed zich tegoed aan de tucjes. Klokslag half 10 waren de tenten afgebroken en gingen we met 11 op pad. De zon scheen en de wind waaide. We deden nu met Margreet de waddenkant, via de Westerplas, waar ooit de merel in winterkleed gesignaleerd werd, kwamen we in de openheid van de kwelders. De oudjes onder ons herinnerden zich nog de verjaardagswandeling van Margreet. Via de vuurtoren naar de koffie in het strandhotel. Peter en ik hadden zere benen en gingen lunchen, de rest maakte het rondje af. We kwamen tegelijkertijd om 2 uur weer bij de camping aan. De hele club had daar de bagage geparkeerd. Omdat het nog vroeg was ging een deel met de bagage naar het dorp om iets te drinken. Laura, Willemien, Thea en wij bleven op de camping in het zonnetje en keken met plezier naar een clubje dat een spelletje speelde. Het heet multi en bestaat uit gooien met een houten knuppel naar blokjes met cijfers erop. Om half vier naar de bus. In het dorp stond de rest bij van der Werff. Onze bus reed door en wij zwaaiden. Hullie kwamen 3 bussen later. Op de boot bleef de scheiding bestaan, wij ploften meteen neer en hullie liepen door, ‘wij gaan dichtbij de uitgang zitten’. OK. In Lauwersoog stonden twee bussen, hullie zaten in bus 1 en wij in bus 2. Onze bus vertrok het eerst. Wij zwaaiden. Ik moet eerlijk bekennen dat wij een gevoel van leedvermaak hadden, dachten de eersten zullen de laatsten zijn en erg hebben gelachen.

En zo kwam er eind aan een mooi en gezellig weekend met wisselend weer en wisselende contacten.

Mariette